Het zuiden
Bij ons in La Marsa hangt een hele mooie foto boven de
bank. Een oud bergdorpje met huisjes van
okerkleurige stenen met op de voorgrond een witte minaret. Tamelijk bekend in Tunesië. Het zou ergens in het zuiden van de bewoonde
wereld van Tunesië liggen, in de buurt van Matmata. Daar waar zo’n beetje de woestijn begint. Niet ver van Djerba, waar we voor de kerstdagen
en de jaarwisseling een hotelletje hadden geboekt. Voor een week, om even bij te komen, maar
natuurlijk ook om Djerba en omgeving te verkennen en om met eigen ogen dat
mooie fotogenieke dorpje te gaan zien.
Ons hotelletje was in één van de vele fondouks in Houmt Souk, die
oorspronkelijk dienst hebben gedaan als karavanserai voor de handelaren die in
Houmt Souk zaken kwamen doen.
Dat je in
Djerba in de buurt van de Sahara komt was al snel te merken. Toen we de eerste dag in Houmt Souk op een
terrasje zaten trok er een grote geelgrijze wolk voor de zon. Ik dacht nog even nietsvermoedend aan een
dreiging van regen, maar toen het er ook nog even bij ging waaien kwam er hele
fijne neerslag uit. Zand. Overal in de het stadje ligt zand. Op de pleintjes, op de straten, overal zand. Om bij de woestijn te komen hoef je met de
auto alleen nog maar het eilandje af.
Eén dag, om de omgeving van Matmata te gaan verkennen, hebben we dat
gedaan met het pontje aan de westkant. Zodra
je het eiland af bent kom je in een droog en verlaten landschap. Nog wel wat olijfboomgaarden, maar verder
toch vooral veel zand. In de verte zien
we een kudde kamelen. De streek rond
Matmata is vooral bekend om z’n grotwoningen en oude Berberdorpen in de
bergen.
George Lucas was zo onder de
indruk van deze streek dat hij er opnamen heeft gemaakt voor Star Wars, oftewel
La Guerre des Étoiles, zoals het in goed Frans heet. De landschappen zijn er werkelijk
adembenemend. En de Berberdorpen die we
zien, met name Toujane en Tamezret, waar de tijd heeft stilgestaan, spreken tot
de verbeelding. Maar ze zijn niet zo
fotogeniek als het dorpje op de foto boven onze bank.
Twee dagen later gaan we richting Tataouine. Dit keer nemen we de oude Romeinse dam aan de
zuidkant van Djerba. Weinig herinnert er
nog aan dat de dam door de Romeinen is aangelegd of het moet het hobbelige
wegdek zijn. Na een paar kilometer komen
we bij een kruispunt. Rechtsaf richting
Medenine over een goed begaanbare provinciale weg, of rechtdoor naar Tataouine,
dwars door de woestijn. We kiezen voor
de woestijn. Een kilometer of 75 te gaan
en de weg is tamelijk goed. We zijn blij
dat we voor deze route gekozen hebben.
En hoewel de naam Tataouine klinkt als
een mooie planeet in een “galaxy far far away”, heeft het stadje zelf niet
zo veel te bieden. Nadat we de tank van
onze huurauto opnieuw volgegooid hebben gaan we direct door. Het gebied rond Tataouine staat bekend om de
ksour; een soort burchten die werden gebruikt voor de opslag van graan en
andere goederen. We bekijken de Ksar
Ouled Soltane en Ksar Hadada. Die
laatste fungeerde als decor voor de woonplaats van Anakin in Star Wars, Episode
I, The Phantom Menace.

Maar behalve de ksour
valt er nog meer te genieten. Aan de
westkant van Tataouine zien we in de bergen een kleine witte moskee liggen,
vlak bij het dorpje Chenini. Het blijkt
de moskee van de Zeven Slapers te zijn.
Volgens de legende waren op de plek waar de moskee staat zeven
Christenen op de vlucht voor de Romeinen in slaap gevallen om pas 400 jaar
later wakker te worden in de tijd van de Islam.
Kort nadat ze wakker waren geworden lieten ze al weer het leven, maar
niet nadat ze zich nog snel tot de Islam hadden bekeerd. Zo konden ze gelukkig toch nog naar de
hemel. Althans, zo wil het verhaal. Nog mooier dan het verhaal is het moskeetje
zelf trouwens. Z’n minaret een beetje
scheef als een boompje in de wind.
Prachtig gelegen in de bergen.
Chenini
zelf ligt een kilometer verderop, bovenop een bergkam. Het ziet er mooi uit van een afstandje, maar
we aarzelen om er naar toe te rijden wanneer we een gammel autootje over een
smal onverhard weggetje naar beneden zien hobbelen. We besluiten om toch maar verder te
gaan. Wanneer we om de bergkam
heenrijden zien we Chenini ineens van de andere kant, een okerkleurig dorpje
met een witte minaret er voor.
Verdraaid, het dorpje van de foto boven onze
bank. Inderdaad erg fotogeniek. Beneden staan twee bussen en een aantal
souvenirwinkeltjes, maar in het dorpje is het rustig. We blijven zelf niet al te lang, want we
hebben nog een aardige weg voor de boeg, terug naar Djerba, het land van de
lotus-eters.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten