Vanuit het kosmopoliete Casablanca naar Errachidia verandert het landschap voortdurend. De hoogvlakten van de Hoge Atlas geven vooral een desolate indruk. Vorig jaar, begin april, waren de hoogvlakten vooral nog erg grijs en dor. Nu, ietsje later in het jaar, was het al wat groener. Gras en wat lage struiken. Volop plezier voor de tientallen schaapskudden die je onderweg tegenkomt. Na Midelt valt op dat de begroeiing in de dalen anders wordt. De eerste dadelpalmen kondigen een warmer klimaat aan. Wanneer de laatste bergpas overgestoken is bereiken we Errachidia waar we voor een paar dagen neerstrijken in een eco-hotelletje gerund door een aardige Italiaanse mevrouw. Het is niet druk in het hotelletje, hoewel het voor een bezoek aan deze regio wel hoogseizoen is. De meeste toeristen zoeken een overnachtingsadres nog ietsje zuidelijker. In ons hotel verblijven voornamelijk zakenlui die na één nachtje weer terugreizen richting Rabat of Casablanca.
Niet veel verder buiten Errachidia is al onze eerste stop. La Source Bleue. Een koele waterbron midden tussen een woud van dadelpalmen. Vanaf een wat hoger gelegen uitkijkpunt hebben we een geweldige blik over de omgeving. Een paar kilometer verder zien we boven op een steile rotswand de ruïnes van een oude ommuurde stad. Ik probeer me in te beelden hoe het leven er in die stad heeft uitgezien. Ooit in een ver verleden. Een leven uit de sprookjes van duizend-en-één-nacht, stel ik me zo voor. Het is een indrukwekkend beeld in ieder geval. En een paradijs kennelijk voor duizenden zwaluwen. Ja, het voelt als zomer.
Na Rissani is het met het groen gedaan. We rijden dwars door een woestijn van grijze en zwarte stenen. Er is in de verste verte geen struikje meer te bekennen. De wind waait wat zand over de weg. Heel in de verte zien we het doel van onze dagtocht. Zandduinen. Nadat Ismaël een paar telefoontjes gepleegd heeft stuurt hij op een splitsing linksaf en komen we steeds dichterbij. Na een paar kilometer stoppen we bij een klein hotelletje aan de rand van de duinen. Auberge Sahara.
![]() |
| Dank je wel Willem voor de leuke tekening |
Het is inmiddels namiddag en de hoteleigenaar gaat aan de slag om een paar dromedarissen te regelen. Ondertussen biedt hij ons een kopje thee aan. Terwijl de beesten klaargemaakt worden helpt de eigenaar Caroline en Asmae om hun sjaals goed om te doen. Gelukkig is het niet al te heet, maar de zon en wind zijn altijd verraderlijk. En dan, tegen half zes, gaan we met z’n drieën op pad voor een tochtje van twee uur. We zijn niet de enigen. Links en rechts van ons zien we verschillende karavanen de duinen in trekken. Maar er zijn ook motorcrossers en mensen met fourwheeldrives die zich in de duinen uit komen leven.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten