woensdag 28 augustus 2013

Dag lieve oom Kees

‘Wonderbaarlijk is het toch hoe snel jij nog dezelfde nacht over iets kan dromen dat je overdag meegemaakt hebt’, zegt Corné als ik hem maandag de droom van de vorige nacht vertel.

Ik fiets en ben op weg naar de begrafenis van oom Kees.  Ik heb al een heel eind gefietst, namelijk van Oosterhout naar Noordwijk.  Ik voel me behoorlijk moe en hoop er nu bijna te zijn.  Het miezert.  Dan zie ik een prachtige rode beuk staan.  Ik stop even om die te bewonderen.  Ineens vraag ik me af waar de begrafenis eigenlijk is.  Waarom ben ik zomaar zonder dit te weten op weg gegaan?  Daar snap ik ineens niets meer van.  Ik zal Gerard maar even bellen, die weet het vast wel.  Hij kan me misschien zelfs nog wel ophalen hier vandaan?  Ik vrees toch wel dat ik niet meer op tijd ben en dat maakt me verdrietig.

Zondagavond, als ik met Lisha skype, vraagt ze me bedachtzaam of ik het al gehoord heb.  Ze wacht even af, ik stel haar wat vragen en dan zegt ze ‘Kees is vanmiddag overleden’.  Het moet nog even doordringen en dat doet het niet meteen.  ‘Opa was er nog naar toe’ zegt ze, maar hij was net een kwartier te laat.’  Er flitsen beelden door mijn hoofd van mijn vader die alleen naar Ridderkerk rijdt en ook weer terug rijdt met de wetenschap dat zijn broer nu overleden is...

Even later gaat de telefoon.  Mijn vader.  Hij vertelt dat de pastoor vanmorgen nog is langs geweest bij oom Kees en dat hij hem de laatste zegen heeft kunnen geven.  Kees kon niet meer praten, maar aan zijn ogen merkten ze dat hij dit nog bewust heeft meegemaakt.  Deze wetenschap geeft mijn vader een enorme steun.

Vorige week heb ik oom Kees nog aan de telefoon gesproken.  Mijn moeder vertelde me dat hij zich zorgen over me maakte, over de situatie in Tunesië.  Ze geeft me het mobiele nummer zodat ik hem kan bellen in het ziekenhuis.  Het idee raakt me: een zieke man die het benauwd heeft en nu toch echt heel wat anders aan zijn hoofd heeft, denkt ook nog aan mij?  Als ik hem bel is hij inderdaad erg kortademig en ook klinkt het of hij volschiet.  Is het zo of is het mijn verbeelding?  Hij bedankt mij dat ik hem bel.  Als we afscheid nemen en ik naar woorden zoek zeg ik ‘dag lieverd’.  Het floept er gewoon uit.  Ik weet dat dit waarschijnlijk de laatste keer is dat ik hem gesproken heb.

Maandag, de dag na zijn overlijden, besluit ik om te proberen een vlucht naar Nederland te boeken. Ik zie steeds oom Kees voor me, die, na de begrafenis van oom Henk, onze andere oom, ons als neven en nichten bedankte dat we er waren.  Hij liet duidelijk merken dat hij dat op prijs stelde. Zoiets nog even zeggen hoorde bij oom Kees.  Door de manier waarop hij dat zei maakte het dat het indruk op mij maakte.  Een ander zou het misschien ook zeggen, maar dan kwam het anders over. Zoiets.

De hele dag struin ik internet af, maar de prijzen van vluchten naar Amsterdam, Brussel of Düsseldorf zijn absurd hoog.  Het is het einde van de vakantieperiode en de meeste vluchten zitten vol.  Ik hoop op een gaatje ergens.  Als ik het reisbureau probeer, blijkt het al gesloten te zijn.  Impulsief neem ik een taxi naar het vliegveld.  Misschien daar?  Op het vliegveld is het een drukte van jewelste en het blijkt dat ze me daar ook niet verder kunnen helpen.  Een soort koppigheid neemt het van me over. Ik wil nu niet meer…ik moet.  Zo voelt het.  Ik daag hogere machten uit.

Ik vraag mezelf af wat me zo drijft.  Ik geloof haast dat het verder gaat dan het overlijden van oom Kees alleen.  Ik voer een persoonlijke strijd tegen de nuchterheid en het calvinisme.  De woorden van mensen die me willen en proberen te troosten, spoken door mijn hoofd.  Goedbedoelde zinnen zoals:  ‘het is zo het beste zo voor oom Kees, je wordt al vertegenwoordigd door Gerard en Leo en op de begrafenis is het toch heel druk, je kan ook op een andere manier afscheid nemen. ' Iedereen heeft er alle begrip voor als ik niet kan komen, niemand verwacht het van me...

Daardoor voelt het haast alsof ik mijn emoties overdrijf.  Of ik onzinnige dingen wil.  Ik wil nu helemaal niet nuchter en verstandig zijn…Het voelt alsof ik mijn verdriet niet mag tonen, mijn emoties moet beheersen.  Mogen we nu dan niet huilen met elkaar?  Ik wil er ook bij zijn!  Niet alleen voor mezelf trouwens, maar zeker ook voor mijn vader.  Gelukkig zijn Lisha en Isabel er ook voor opa.  Lisha heeft opa geholpen met het ophalen van de bloemstukken en Isabel geeft opa steeds kledingadvies over wat hij op de begrafenis het beste aan kan doen.  Ik merk, wanneer ik m’n vader aan de telefoon spreek, dat dit hem goed doet.

Nadat ik ook merk dat er meer mensen met me meedenken en me echt proberen te helpen om te kunnen gaan, word ik vanzelf wat rustiger.  Ik voel me moe en emotioneel.  Buiten is inmiddels het noodweer losgebarsten.  Het regent, onweert en het stormt.  Ineens zie ik de reis niet meer zitten, zo moe voel ik me.  Oké dan, ik laat het zo.  De teleurstelling is echter groot.

De volgende dag heb ik een hoofdpijn die niet weggaat met paracetamol, een zenuw die blijft kloppen onder mijn oog en voel ik de tranen hoog zitten.  Dit alles verrast me.  Het verdriet overvalt me.  Ik wist toch immers dat oom Kees erg ziek was en het einde van zijn leven heel dichtbij kwam? Het voelt alsof er met zijn overlijden een deurtje open wordt gemaakt in mijn hoofd waarin de herinneringen aan vervlogen tijden worden bewaard in prachtig versierde pakketjes.

Het begint eigenlijk al met het wonderbaarlijke verhaal dat oom Kees de dag van mijn geboorte voorspeld heeft.  Mijn moeder was op de 17e april uitgerekend, maar oom Kees beweerde dat ik pas op zondag de 20e zou komen.  En hij had gelijk!

Oom Kees, de oom op wie we allemaal extra dol waren, omdat hij de grappigste was van allemaal.  Als hij er was kon je lachen!  De vrolijke man met het volle maan gezicht en met pretoogjes.  Oom Kees, die mij, samen met tante Gré, op kwam zoeken op mijn kamertje in Bergen op Zoom.  Die een paar jaar later meehielpen met het verven in de flat.  Later kwamen ze ons ook opzoeken samen met Fred in mijn eerste echte woning met tuin.  Daarin zijn zij als familieleden uniek.  Geen andere ooms en tantes hebben dit voor mij gedaan en ik ben ze er dankbaar voor.


Ik herinner me ook dat ik een paar keer zelf naar Ridderkerk ben gegaan toen ik eenmaal auto kon rijden.  We hebben een keer met zijn tweetjes gewandeld door het dorp.  We dronken een kopje koffie en ik mocht twee bonbonnetjes uitzoeken.  Het lijkt nu haast iets uit een gedichtje van Annie MG Schmidt.  Oom Kees vertelde over vroeger.  Ook zei hij hoe hij het waardeerde dat mijn vader de familie zo bij elkaar kon houden.  Corné en ik zijn ook een keer mee geweest met hem en tante Gré naar Kinderdijk.  Oom Kees zei toen: ‘Kom nog eens langs en neem dan je moeder mee Corné.’  Zo was hij, een mensenmens.  Ik weet zeker dat hij erg geliefd is bij de meeste mensen.  Hij maakte makkelijk contact met een ander met een aardig woordje of een grapje.   Ik bewonder dat hij zich actief in zette voor zijn medemens, bijvoorbeeld als vrijwilliger bij de voedselbank.  Een man die het woord van God volgde met zijn daden.

Een gezellige grapjas, maar vergis je niet.  Het kon ook een temperamentvolle man zijn.  Vast ook een beetje koppig en ongeduldig.  Ik herinner me dat er een poos weinig contact is geweest tussen sommige familieleden na een ruzie op een verjaardag bij oom Kees thuis.  Hij had een tante de deur uitgezet.  Ik was er toen niet bij, maar wel op een moment dat hij op een verjaardag bij ons thuis boos werd op een tante die mopperde op ‘die’ buitenlanders.  Hij viel behoorlijk heftig uit tegen haar en herinnerde haar aan het vreselijke lot van de Joden in de Tweede Wereldoorlog.  ‘Wil je dat soms weer?’  Het punt was duidelijk en er viel een ongemakkelijke stilte.

Het bewust meemaken van de Tweede Wereldoorlog heeft ongetwijfeld zijn sporen nagelaten bij zowel oom Kees als bij mijn vader.  Ze woonden in Rotterdam Crooswijk en hebben het bombardement meegemaakt.  De twee jongste jongens van het gezin van Stralen.  Ze scheelden drie jaar en deelden samen een slaapkamer.  Daar speelden ze als kleine jongens een zelfverzonnen rollenspel waarin ze de twee poezen ‘Poetie’ en ‘Oetiepoetie’ waren.  ‘Poetie’ en ‘Oetiepoetie’ waren vooral geïnteresseerd in een lekker scholletje, begreep ik wel uit de verhalen.

Mijn vader, als jongste, werd ook wel gezien als het meest ‘verwend’ en moest dat natuurlijk tot op de dag van vandaag ook nog steeds aanhoren.  Oom Kees betitelde zichzelf als ‘de hond’, degene die het het vaak het slechts getroffen heeft.  Zo moesten ze in de oorlog naar een boerenfamilie in Brabant omdat er thuis te weinig eten was.  Mijn vader hield het daar niet uit en mocht al heel snel weer met zijn vader mee naar huis, terwijl oom Kees wel moest blijven.  Ik vraag me af hoe dat geweest moet zijn bij zo’n wildvreemde familie…Er werd vast niet veel aandacht geschonken aan je gevoelens daarover.  Je moest wel…

Vanmorgen belde mijn vriendin Diana mij speciaal om even met me te praten.  Ze vertelde dat ik zo liefdevol over mijn oom had geschreven in een mail aan haar en dat het haar had doen beseffen dat ze zelf ook wel zo’n oom had gewild.  ‘Ik voel me eigenlijk één van de velen in onze familie’ vertelde ze.  Ja, ze heeft gelijk, vaak gaat dat zo.  Ik herken dat ook wel.  Ooms die je naam niet echt kennen en weinig over je weten.  De mensen die echt aandacht aan je besteden en wat moeite voor je doen, maken toch het verschil.  Ik ben door haar woorden eigenlijk nog extra dankbaar voor zo’n oom als oom Kees.
 
Oom Kees had geld meegegeven aan mijn ouders toen ze hier op bezoek kwamen, zodat wij iets leuks voor onszelf konden kopen. Het maakt de chechia's, waar ik toch al zo dol op ben, extra bijzonder.
De komende dagen zullen de pakketjes met herinneringen prominent aanwezig zijn.  Er flitst steeds van alles door mijn hoofd.  Oom Kees, een oom die in mijn hart gewoon verder leeft.  Ik zal zijn kaarten met dat kleine, haast onleesbare, handschrift gaan missen.

dinsdag 23 juli 2013

'On va s’aimer, on va danser, on va chanter. C’est la vie.'

Okay, het is niet helemaal realistisch, maar we hebben het dan ook niet over de laatste Oxfam strategie voor de Maghreb.  Het is inmiddels een jaar geleden  dat Caroline naar Tunesië kwam.   Reden voor een feestje.
 

Afgelopen weekend zijn we daarom naar een concert geweest van Cheb Khaled.   De ongekroonde koning van de Rai.  Ritmische Noord Afrikaanse muziek, meestal over liefde en geluk, eenzaamheid en verdriet.  Liedjes met een hoog niveau van romantiek in ieder geval.

Khaled was gestrikt voor het internationale festival van Carthago.  Het festival biedt de hele zomer optredens van grote Tunesische en internationale artiesten in een indrukwekkend decor.  Het oude Romeinse Theater van Carthago.  Onze bezoekers van afgelopen voorjaar hebben we dat theater nog niet laten zien omdat het leeg niet eens heel erg bijzonder is.  Het theater heeft een halfcirkelvormige ruimte voor toeschouwers, met banken die tegenwoordig allemaal van modern beton zijn.  Ook het oorspronkelijke toneel is inmiddels vervangen.   Dat er zo’n 10 000 mensen in kunnen zou je zo op het eerste gezicht niet zeggen, maar wanneer het volgepakt zit met een superenthousiaste menigte wordt het een ander verhaal.  Kippenvel toen we het theater inliepen.


Er was duidelijk niet veel voor nodig om het publiek op te warmen.  De avond was zwoel en na een ongetwijfeld uitbundig avondmaal – omdat we nog midden in de Ramadan zitten begon het concert pas om half elf – was de stemming helemaal top.  De komst van Khaled werd met het nodige gevoel voor drama aangekondigd.  Het thema van A Space Odyssey deed Carthago nog maar weer eens op z’n grondvesten schudden.  Hoe vaak zou Carthago dat al niet eens eerder meegemaakt hebben?

Sommigen hadden nog kussentjes meegenomen, maar risico om een houten, of misschien liever een betonnen kont te krijgen was er niet echt, want al bij de eerste klanken van Khaled stond het publiek op de banken.  Alle nummers heupwiegend meezingend.  De meeste nummers in het Arabisch.  Een paar in het Frans.  En die kennen we nu ook … althans, een stukje.

We stonden er midden in en hebben genoten van de geweldige sfeer en de mooie muziek.  Sommige fans om ons heen keken Khaled zwijmelend aan.  Niet alleen vrouwen trouwens.  Ook mannen.  Direct bij z’n opkomst kreeg Khaled een paar jasmijnkransen omgehangen en na afloop wist de beveiliging Khaled maar met moeite van het podium af te leiden.  Hij werd direct bestormd door een aantal mannen die ‘m kennelijk even wilden knuffelen.

Halverwege het concert  werd het trouwens nog wel even spannend toen een paar donkere wolken voor de bijna volle maan langs trokken en een paar vette regendruppels naar beneden kwamen.  In allerijl werden parasols neergezet boven de twee synthesizers en werd hier en daar wat apparatuur onder plastic bedekt.  Maar het bleek loos alarm.  Althans.  Toen na twee uur spelen Khaled met z’n klassieker Aïcha het publiek een geweldige uitsmijter had bezorgd brak er niet meer dan twee minuten later een enorm noodweer los boven Carthago.   Goed getimed.

We zijn blij dat we dit meegemaakt hebben en breken ons het hoofd hoe het Festival van Carthago vorig jaar aan onze aandacht is kunnen ontsnappen.  Dat gaat ons geen tweede keer gebeuren.  Caroline gaat dit jaar nog met Sara naar de Franse chansonnière Patricia Kaas en samen gaan we nog naar Paco de Lucia, de Spaanse gitaargrootmeester van de flamencomuziek .  Benieuwd wat voor sfeer er bij die optredens in het theater  is.  Volgend jaar staat Adèle misschien wel op het programma.  Die is hier wellicht nog wel populairder dan Khaled.  Wij zijn er bij, Insh'Allah.

dinsdag 16 juli 2013

Echt HEMA

Yeah!  We hebben een Hema hier in Tunis!  Geweldig nieuws.  Een gevoel van blijdschap stroomt door mijn lijf.  Dat moet ik echt even aan jullie vertellen!  Zoals sommigen wel weten is de Hema één van mijn favoriete winkels.  Typisch Nederlands.  Eigenlijk ook helemaal niet raar dat ze hier dan ook Nederlands personeel hebben rondlopen.  Hoe zouden ze dat eigenlijk doen?  Steeds heen en weer vliegen?  Ik zie dat die aardige mevrouw van de bonbonwinkel uit Bergen op Zoom nu hier is gaan werken en ik ben enthousiast.   Leuk om haar weer eens te zien.  Ze zal zelf ook wel verbaasd zijn om me hier in Tunis te zien.  Ik zoek naar een speciaal artikel dat ik niet kan vinden.  Een zweetbandje wat je om kunt doen zodat je ’s nachts niet je bed uit hoeft om te gaan plassen.  Ik vraag het haar.  Ze begrijpt meteen waar ik het over heb, maar als we ernaar toe lopen is het toch niet wat ik zoek.  Ik besef ineens dat het artikel misschien wel helemaal niet bestaat.  Ik zeg tegen haar: ‘mmm, ik denk dat ik me vergis, ik denk dat ik het gedroomd heb…  Eigenlijk weet ik dat wel zeker’ 
 

Vervolgens loop ik verder en kom langs allerlei lekkere dingen.  De aardbeientaartjes zien er heel lekker uit.  Ze zijn dan ook al bijna uitverkocht.  Ik kijk meteen of ik hier nog een leuke jurk kan vinden, want daar ben ik al even naar op zoek.  Ja, ik zie allerlei leuke kleding.  Als ik een leuk gestreept exemplaar uit het rek opzij trek om eens goed te bekijken, zie ik ineens dat er grijze zeehondjes op de rand aan de onderkant staan.  ‘Hé nee, stom zeg.  Ik ga toch echt niet met zeehonden op mijn jurk lopen.’  En dan… word ik wakker uit een diepe slaap.  Ik moet plassen.  Een moment moet ik nadenken en dan weet ik dat het een levensechte droom is geweest.  Met nog stramme benen strompel ik naar het toilet en voel me enigszins teleurgesteld.  Goh, ik heb me eigenlijk helemaal niet zo beseft dat ik de Hema hier mis.  Ik weet wel dat ik straks in Nederland juist extra ga genieten van de dingen die hier niet zijn.  Wat eerst ‘gewoon’ was, is nu ‘niet zo gewoon’ meer.  Mmm, een boterham met pure hagelslag bijvoorbeeld.

Het zit ook wel een beetje in de menselijke aard om het liefst het complete plaatje te willen…of net datgene te willen dat er nu net niet is.  Zo is er op de zomerschool een jongetje dat sneeuwpoppen maakt van brooddeeg en ze tekent, terwijl het hier nu boven de dertig graden is.  Hij heeft nog nooit echte sneeuw gezien.  Een prachtig meisje met donkere haren en bruine ogen zegt dat ze liever blond is en blauwe ogen heeft. 
Tja…

Maar ondanks het gemis aan een Hema ben ik tevreden met wat we hier hebben.  Vorige week zei Corné nog tegen me: ‘Je bent volgende week een jaar hier, hoe zullen we dat gaan vieren?’  Waarschijnlijk met een gezellig etentje.  En we hebben sowieso ook nog een paar leuke concerten voor de boeg deze maand.  In Carthago is er op het moment een internationaal muziekfestival en we hebben kaartjes voor Khaled en Paco de Lucia.  Ook ga ik met Sara naar Patricia Kaas.  En dan begin augustus naar Nederland.  Hoe zal dat zijn?  In ieder geval fijn om iedereen weer te zien en te spreken.

Ons leven hier voelt goed en ik heb het erg naar mijn zin.  Het zijn van die onverwachte momenten dat ik dat nog eens extra besef.  Afgelopen vrijdag liep ik door La Marsa en kwam ik verschillende bekenden tegen.  Ook als ik ze zelf niet direct zag, riepen ze me om me te groeten.  Het voelde voor mij als ‘thuis’.  En bijvoorbeeld ook na het etentje op Corné’s verjaardag kreeg ik een sterk gevoel van ‘het leven is goed hier’.  Rond tien uur ’s avonds liepen we terug door het nog steeds gezellig drukke La Marsa.  Spontaan kwam de gedachte in me ‘Ik wil hier helemaal niet weg over vier jaar!’  Nou ja, dat is nog een hele tijd…

woensdag 10 juli 2013

Dromer

Quizje.  Wat is een Dreambox?

  1. Een apparaat wat ’s nachts aangesloten kan worden op Caroline’s hersenen (je weet wel: met van die sensoren die met pleistertjes op het voorhoofd geplakt worden) om Caroline’s dromen te kunnen determineren.  Handig voor Corné.
  2. Een doos met de heerlijkste lekkernijen die je hartje maar begeert (pakje hagelslag, pakje roggebrood, zuurtjes van Napoleon, zelfgemaakte bonbons van pure chocolade van chocoladeboetiek De Tweede Helft in de Fortuinstraat in Bergen op Zoom….).
  3. Een apparaat waarmee je al de programma’s op tv kunt zien en alle radiozenders kunt horen die je maar wil (van The Nanny tot Borgen en van de Keuringsdienst van Waarde tot Man Bijt Hond).
  4. Een apparaat wat overdag aangesloten kan worden op Corné’s hersenen (je weet wel: met van diezelfde met pleistertjes op het voorhoofd geplakte sensoren) om te kunnen registreren waar Corné over zit te dagdromen.  Handig voor Caroline.

Twee weken geleden hebben we er eentje aangeschaft.  Meneer Fetih, onze huisbaas, had het ons warm aanbevolen en ons beloofd dat het ons verblijf hier in Tunesië geweldig zou veraangenamen.   En dat voor weinig geld.  In het kleine, met allerhande apparatuur tot de nok toe gevulde winkeltje was het het allerlaatste exemplaar.  Althans, zo wilde de winkelier me doen geloven.  Terwijl die het zei vroeg ik me meteen af of het echt zo was of dat hij het alleen zei om me te paaien.  Om me een gevoel te geven dat ik een hele belangrijke klant voor hem was of misschien wel om me te ontmoedigen om over de prijs te gaan onderhandelen.  Ik geloof iets meer in de eerste optie, hoewel ik er meteen het telefoonnummer van z’n technicien bij kreeg om het apparaat thuis te komen configureren.  Hmm … toch wel een beetje  belangrijk dan misschien, of zou die dat bij al z’n klanten doen?

Voor de technicien waren we kennelijk toch ietsje minder belangrijk dan voor de winkelbaas zelf.  Ik was nog wel speciaal een uur eerder naar huis gekomen van m’n werk om de technicien binnen te laten, maar die had kennelijk weinig haast.  Na twee uur wachten en heen en weer bellen maar weer een nieuwe afspraak gemaakt voor de volgende dag.  Toch wel typisch Tunesisch om zo met een afspraak om te gaan, maar het blijft wennen.  Gelukkig lukte het de andere dag wel.  Althans, toen kwam t’ie langs.  Het configureren van het apparaat kostte wat meer moeite. 
Na veel gepuzzel en gedraai was de conclusie dat er een probleempje was met de switch aan de schotel die we samen delen met meneer Fetih, maar dat wilde meneer Fetih toch liever door z’n eigen mannetje gecheckt hebben.  Nadat die de andere dag was langsgekomen en inderdaad die switch vervangen had ging er een hele wereld voor ons open.  Duizend-en-één televisie- en radiokanalen.  Van The God Channel tot Dreamgirls.TV.  Van Iran E Aryaee TV tot Kahkeshan TV.  En alles wat daar tussen in zit.

Volop keuze dus, al heb ik voorlopig genoeg aan wat beelden van een mooie Touretappe.  En dan heb ik het dus vooral over een stukkie fietsen, of misschien een aardig verhaal in Tour du Jour (met Eddy Planckaert en Michael Boogerd al weer een stuk leuker dan met die zuurpruim van Danny Nelissen vorig jaar). 
 

Ik heb het zeer zeker niet over het oeverloze gewauwel van Mart Smeets in de Avondetappe (Mart, ik hoor net dat er een vacature is vrijgevallen bij het Cirque du Soleil), maar dat terzijde.  Maar of het nou komt doordat onze Dreambox van dubieuze Chinese makelij is of doordat we hier te maken hebben met een hartstikke illegale business, van die duizend-en-één kanalen komt het overgrote deel niet eens door.  Of na tien minuten gaat het beeld gewoon op zwart.  Meneer Fetih heeft genoeg aan z’n Zwitserse radiokanaal met jazzmuziek dat kennelijk goed bij hem door komt, maar dat is niet iets waar ik op zit te wachten.

Caroline zat behoorlijk met de aanschaf van onze Dreambox in d’r maag.  Onze gezellige avondjes met een goed boek of een leuk bordspel en tijd voor elkaar zouden wellicht definitief tot het verleden gaan behoren.  Ze zag ons al een hele zomer van het ene sportkanaal naar het andere zappen.  Bepaald niet wat we ons van een zwoele Tunesische zomeravond in La Marsa hadden voorgesteld.  Maar gelukkig valt het allemaal nogal mee.  Zo’n Dreambox heeft toch een stuk minder te bieden dan je zou verwachten … of misschien juist meer ...

woensdag 3 juli 2013

Espace Junior

 
In augustus 2011 zijn Corné en ik op verkenningstocht geweest in Tunesië.  We stonden toen voor de beslissing of we de stap naar Tunesië zouden gaan nemen of niet.  Zelf een kijkje gaan nemen was destijds een goede tip van mijn broer Gerard.  In die zomervakantie zagen we zelf eigenlijk erg weinig kans om zo’n verkenning te doen.  Onze badkamer werd namelijk verbouwd en Corné ging ook nog tien dagen op pad met de fietsgroep.  Toch hebben we toen de laatste week van mijn zomervakantie nog een paar dagen vrij kunnen maken.  We zaten in een leuk hotel in het hartje van Tunis.  Het was erg heet en het was Ramadan.  Er kwamen erg veel nieuwe indrukken op ons af.  Ik weet nog dat ik het moeilijk vond om een beslissing te kunnen nemen.  Ik had geen sterk gevoel van ‘ja dit wil ik gaan doen!’ zoals ik destijds wel met Zambia had.  Maar goed, in die tijd was ik wellicht ook wel ‘jong en onbezonnen’.  Inmiddels  stond ik op een ander punt in mijn leven.  Ons eigen huis, een leuke baan, familie en vrienden… 

Tijdens deze dagen in Tunis zijn we ook op de Nederlandse ambassade geweest voor een gesprek.  Dat was prettig en verhelderend.  Ik kreeg duidelijk mee dat werken hier moeilijk zou gaan worden als je het Frans niet voldoende beheerst.  Hoe zou ik mijn dagen gaan vullen de komende jaren?  Ook een vreemd idee om geen eigen inkomen te hebben.  Maar goed…de aantrekkingskracht van het nieuwe avontuur bleek groter dan de nadelen.

Nadat we de beslissing hadden genomen om er voor te gaan, konden we ons gaan voorbereiden op ons vertrek uit Nederland.  Er was echter niet veel tijd en aandacht daarvoor.  Ik kijk terug op een erg hectische tijd waarin ik naast mijn drukke baan op school ook mijn studie heb afgerond.  Dus toen ik vorige zomer aan ben gekomen in Tunesië, was het heerlijk om even uit te kunnen puffen.  En ja, ik ben vrij snel gestart met Franse les.  

In oktober kwam ik al in contact met mijn eerste leerling.  Twee uurtjes per week taalles geven aan Eva.  En toen is de bal gaan rollen en is hij blijven rollen.  Inmiddels geef ik nu een behoorlijk aantal kinderen Nederlandse les. 

Daarnaast ben ik in april benaderd om te komen werken op een net opgestart talenschooltje hier in La Marsa met de naam ‘Espace Junior’.  Deze talenschool biedt lessen aan in verschillende talen.  Zes zaterdagen heb ik samen met een andere Nederlandse leerkracht, en medeoprichtster van de school, een groepje kinderen verschillende activiteiten in het Nederlands verzorgd.


Nu de zomervakantie is gestart is er ’s morgens 8.00 uur tot ’s middags 13.00 uur een zomerschool voor kinderen van 6 jaar tot 14 jaar.  Alle activiteiten die we aanbieden zijn in het Engels.  Samen met een assistente heb ik een groep van zo’n twaalf kinderen van 6 en 7 jaar.  We hebben een programma met vaste onderdelen zoals Engelse taalles, sport en spel in het park, creatieve werkvormen, een dagverslag maken en het spelen van gezelschapsspelletjes. 

Deze week is alweer mijn derde week.  Het is een vertrouwd gevoel om met jonge kinderen in een groep bezig te zijn.  Het werken met jonge kinderen brengt me veel voldoening.  Wat fijn om hier ook nog steeds met mijn vak bezig te kunnen zijn!  En de ervaring die ik inmiddels heb komt goed van pas, want er zijn natuurlijk een aantal nieuwe uitdagingen.  Veel kinderen spreken namelijk nog maar een beetje Engels en daardoor begrijpen we elkaar niet altijd even goed.  Het uitleggen van een spel tijdens sport en spel is bijvoorbeeld niet echt makkelijk.  Het vraagt om een inventieve aanpak.  Veel voordoen, veel taal ondersteunen met gebaren en af en toe vertalen naar het Frans als het echt nodig is. 


Inmiddels heb ik het dus behoorlijk druk.  Fijn dat ik toch kan werken.  Ik ben nu zelfs bang dat ik straks geen tijd meer heb om Franse les te volgen!

zondag 16 juni 2013

Zeg nooit nooit


Waar denk je aan als je aan Tunesië denkt?  Witte zandstranden van Hammamet, Port El Kantanoui of Djerba?  Hannibal en Carthago of het lemen hutje in de woestijn van Luke Skywalker?  Of misschien wel aan een stel duistere salafisten, bezig met het voorbereiden van een onstopbare tsunami?  Een jaar of vijf geleden waren mijn broer Jack en mijn schoonzus Anita hier met hun kinderen op vakantie.  Een verblijf in een mooi resort in Port El Kantanoui.  Maar dat was eens, maar dan ook nooit meer.  Hoewel er volop genoten is van het mooie weer en de uitstapjes naar bezienswaardigheden zoals Kairouan en El Jem had de familie vooral een heel slecht gevoel over gehouden aan de opdringerigheid van de souvenirverkopers.  Als toerist wordt je in Port El Kantanoui geen moment met rust gelaten en zelfs letterlijk winkels ingetrokken in de hoop dat er nog een slaatje uit je geslagen kan worden.  Ondanks dat slechte gevoel en ondanks het stellige voornemen om nooit meer een voet op Tunesische bodem te zetten zijn Jack en Anita toch op het vliegtuig gestapt voor een bezoek aan Tunis.


Spannend.  Zouden ze het wel leuk vinden in Tunis?  Na een rustig opwarmertje in La Marsa hebben we Jack en Anita meteen meegenomen naar de medina van Tunis.  Terwijl de meeste toeristen de ingang nemen bij de Porte de France aan de oostkant van de medina  zijn wij aan de westkant, de kant van de kasbah, de medina ingelopen.  Aan die kant zijn een stuk minder toeristen.  Beter om er rustig in te komen, zeg maar.  Aan die kant zijn ook de mooiste souks van de medina te vinden.  Nauwelijks aangetast door de tijd.  Daar waar oude ambachten nog in ere gehouden worden, zoals het maken van chechia’s, de traditionele vilten mutsen.  In de grote souk van de chechia’s hebben we een lekker kopje koffie gedronken voor we Jack en Anita mee verder hebben genomen door de smalle winkelstraatjes van de medina.  Van enige opdringerigheid van de verkopers is aan deze kant van de medina niet veel te merken.  Een enkele verkoper wil nog wel eens iets in gebroken Nederlands uitslaan (“allemachtig prachtig” of het inmiddels behoorlijk afgezaagde “kijke kijke nie kope” ), maar is nog makkelijk te negeren.  In dit deel van de medina zijn de mensen ronduit vriendelijk te noemen. 
Op onze tour door de souks hebben we Jack en Anita ook weer meegenomen naar een van onze meest favoriete winkels.  Een bijzonder aardige Tunesiër heeft in een 16e eeuws huis een grote verzameling aangelegd van allerlei antieke spullen, maar ook voor een vermogen aan oude traditionele tapijten.  We kregen er een uitgebreide uitleg bij over de manier waarop bruidskleden gemaakt werden.   Meisjes werd spelenderwijs de kunst van het weven bijgebracht.  Een bruidskleed werd gemaakt van witte wol, met daarin motieven verwerkt met witte katoen.  Ga daar maar aan staan.  Pas na haar trouwen werd het kleed geverfd.  Als het goed is verschijnt daar over een paar jaar een boek over.  Geen moment werd ons het idee gegeven dat we iets zouden moeten kopen al stak de eigenaar zijn trots op de spullen die hij te koop had niet onder stoelen of banken.

Behalve een bezoek aan de medina met z’n mooie souks en prachtige handelshuizen uit vervlogen tijden hebben we Jack en Anita ook nog een heel andere kant van ons leven hier in Tunesië laten zien.  We waren uitgenodigd voor een party bij Monica, de Spaanse leerlinge van Caroline, in het teken van de fifties.  Zomaar.  Monica is de partner van een medewerker van de Belgische ambassade, dus een hoog diplomatengehalte.  Monica woont in een bungalow met zwembad op het golfterrein van Gammarth.  Geheel in stijl uitgedost – we hadden Jack en Anita vooraf al ingeseind - hebben we ons een avondje lekker ondergedompeld in het expat-wereldje van Tunis.  Een glaasje sangria in de ene hand en bordje van de barbecue in de andere.  We hebben het ons goed laten smaken. 

Indrukwekkend was ook het bezoek aan Dougga.  De grootste archeologische site in Tunesië hoog gelegen op een heuvel in het groene westen van het land.  Hoewel Dougga een topattractie is in Tunesië waren er maar bijzonder weinig toeristen, terwijl het vanuit Hammamet in twee uur te bereiken is.  We hebben zelf bijna vier uur rondgestruind tussen de ruïnes, onder de indruk van de rijke geschiedenis van het land en ondertussen genietend van het prachtige uitzicht.  Dat er zo weinig toeristen rondliepen is tekenend voor de crisis waar Tunesië mee te maken heeft.  Ook Jack en Anita kostte het volgens mij toch nog wat moeite om hun aarzeling los te laten tijdens hun bezoek aan de souks en om zich lekker te laten gaan.  Maar het beeld is gelukkig wel een stuk bijgesteld.  Sterker nog: ik geloof dat ze er erg van hebben genoten.  Tunesië: zeg nooit nooit.

zaterdag 1 juni 2013

De mug


Af en toe voel ik me net een kameleon.  Ik geloof dat ik me vrij makkelijk kan aanpassen aan een nieuwe omgeving.  Ik voelde me hier dan ook snel thuis, ook al gaan sommige dingen heel anders dan in Nederland.  Wat erg wennen was voor ons was dat we hier al ons afval in één vuilniszak moeten gooien.  In Ennasr deden we alleen de plastic flessen apart in een tas.  We hadden gezien dat arme mensen de vuilnisbakken afstruinden op zoek naar lege plastic flessen.  Die brengen namelijk nog een paar centen op.

In La Marsa is er ietsje meer aandacht voor het scheiden van afval.  Zo staan er een aantal bakken waar je je lege blikjes en lege plastic flessen in kan gooien.  Dat was al iets.  Als ik weer eens de hoeveelheid afval zie die gewoon in de natuur is gegooid, kan ik daar moeilijk tegen.  Ik heb meteen zin om het op te rapen…maar daar is geen beginnen aan in je eentje.  Tunesië is zo’n mooi land en dit is zo jammer.  Heel graag wilde ik hier iets voor het milieu kunnen doen. 

Ik kwam er ook achter dat de man van Sanne (een Nederlandse vrouw waarmee ik nu samen werk op de talenschool) heel betrokken is bij een milieugroep hier.  Hij vroeg of ik op zondagmorgen mee wilde komen helpen om het strand op te ruimen.  Dat vond ik een goed idee.  Er waren wel ongeveer tachtig mensen en vele handen maken licht werk.  Onze huisbaas meneer Fetih was er trouwens ook.  Fijn dat er toch zo veel betrokken mensen zijn.

Via Facebook ontdekte ik verder dat er hier ook een organisatie is die plastic zakken uitdeelt waarin je in de ene papier kan doen en in de andere al je plastic en blik.  http://www.facebook.com/TounesRecyclage?fref=ts
Dat sprak me enorm aan.  Ik heb ons daarvoor opgeven en kwam aan de praat met de oprichtster, Valérie, een Franse vrouw.  Ik vroeg haar of ik verder misschien nog iets kon doen voor de organisatie.  Ze vertelde dat ze iedere dinsdagmorgen naar een kleine werkplaats gaat waar de zakken worden opengemaakt en waar alles verder wordt gescheiden.  Ik beloofde haar dat ik mee zou komen helpen.

Afgelopen dinsdag was de eerste keer dat ik met Valérie ben meegegaan.  Ze had me alvast wat instructies gegeven en gezegd dat ik m’n oudste kleren aan moest doen en voorbereid moest zijn dat het een vies klusje zou gaan worden.  De nacht ervoor had ik er een nogal nare droom over, maar dat was vast voorbereidend op de klus van de volgende dag.  Doris heeft me namelijk verteld dat er een nieuw inzicht is in de wetenschap.  In je dromen ben je bezig met het voorbereiden op nieuwe situaties zodat je er wat makkelijker mee om kunt gaan.  Oké dat was nu dus zeker het geval.



Ik twijfelde ’s morgens nogal en vroeg mezelf af waarom ik mezelf hier in had gestort.  Ik was bang dat ik misschien wel over m’n nek zou gaan bij alle viezigheid die ik tegen zou gaan komen.  Ik trok m’n oudste spijkerbroek aan en deed toch voor de gezelligheid maar gewoon mijn oogmake-up op, net als anders.  Ik moest daar dan wel weer een beetje om lachen omdat het er in feite natuurlijk niet toe doet in zo’n omgeving waar ik nu naar toe zou gaan.  Ook deed ik wat parfum op mijn arm.  Maar dat was puur uit praktisch oogpunt.  Ik dacht nog dat dat een goed idee zou zijn als de stank me te erg zou gaan worden, dan kon ik even aan mijn arm ruiken.

Daarna stond ik dapper klaar op de afgesproken plek.  Valérie woont vlakbij en ik kon met haar meerijden.  We haalden nog wat andere mensen op en reden naar de werkplaats.  Valérie legde me van alles uit en ik kon aan haar merken dat ze heel betrokken is.   Zij vertelde me waarom volgens haar veel mensen hier van alles op straat gooien.  Van de ene kant hebben veel Tunesiërs hele andere dingen aan hun hoofd dan afval scheiden omdat ze er meer op gefocust zijn hoe de touwtjes aan elkaar te knopen.  Van de andere kant vinden ze dat de Gemeente verantwoordelijk is voor het opruimen van afval en niet zijzelf.

In de werkplaats aangekomen kreeg ik een korte instructie en zijn we begonnen met steeds een vuilniszak open maken en alles wat er in zit te scheiden.  Plastic flessen zijn bijvoorbeeld van een ander soort plastic gemaakt dan de doppen of een yoghurt bakje.  Er zijn wel zeven soorten plastic.  Letterlijk alles wordt gescheiden.  Frisdrank blikjes zijn net weer wat anders dan bierblikjes.  Het viel me alles mee.  Het pietluttige van het werk vond ik zelfs fijn.  Er kwam heus wel eens een minder fris luchtje voorbij, maar ik kon er tegen.  We hebben met negen vrouwen de hele morgen doorgewerkt.  Ik heb er dus een nieuw baantje bij.  Weer eens wat anders dan de Wereldwinkel.

Ik weet dat wat we doen een kleine stap is, maar als er meer mensen zo over gaan denken dan zijn we samen een stuk sterker.  Ik ben toevallig pas een Afrikaans spreekwoord tegen gekomen dat mij een hart onder de riem steekt.

‘Als je denkt dat je te klein bent om invloed te hebben, dan heb je waarschijnlijk nog nooit de nacht doorgebracht met een mug op je slaapkamer.’