We hebben de afgelopen twee weken niet zo veel van ons laten
horen. We waren even het land uit. Tien dagen naar Nederland om precies te zijn,
om daar de laatste zaken rond de verkoop van ons huis te regelen. Het is allemaal ontzettend snel gegaan. We hadden afgelopen juli een makelaar in de hand genomen om ons huis
in de verkoop te zetten en binnen no-time was het huis onder voorbehoud
verkocht. Kwestie van een goeie
prijsstelling, een wil om te verkopen en een pak mazzel. De kopers: twintigers, starters met een
smalle beurs, op zoek naar een woning met een tuin waarvan niet zowel de keuken
als de badkamer van verbouwd hoefden te worden.
Onze makelaar zag het helemaal zitten, maar het zou nog wel een paar
weekjes duren voor de financiering helemaal rond zou zijn. En omdat we natuurlijk wel wat tijd nodig
hadden om een bezoek aan Nederland te regelen, maakten we de goeie afspraak met
de makelaar dat ie ons tijdig zou informeren wanneer de deal rond zou
komen. Niet dus… Pas na flink aandringen
informeerde onze makelaar ons over de op handen zijnde overdracht en of we er
maar even voor wilden zorgen dat het huis leeg opgeleverd zou worden. Niet handig wanneer je daarvoor hals over kop
tickets moet gaan boeken en al je afspraken en je cursus Frans aan de kant moet
schuiven.maandag 1 oktober 2012
Uitburgeren
We hebben de afgelopen twee weken niet zo veel van ons laten
horen. We waren even het land uit. Tien dagen naar Nederland om precies te zijn,
om daar de laatste zaken rond de verkoop van ons huis te regelen. Het is allemaal ontzettend snel gegaan. We hadden afgelopen juli een makelaar in de hand genomen om ons huis
in de verkoop te zetten en binnen no-time was het huis onder voorbehoud
verkocht. Kwestie van een goeie
prijsstelling, een wil om te verkopen en een pak mazzel. De kopers: twintigers, starters met een
smalle beurs, op zoek naar een woning met een tuin waarvan niet zowel de keuken
als de badkamer van verbouwd hoefden te worden.
Onze makelaar zag het helemaal zitten, maar het zou nog wel een paar
weekjes duren voor de financiering helemaal rond zou zijn. En omdat we natuurlijk wel wat tijd nodig
hadden om een bezoek aan Nederland te regelen, maakten we de goeie afspraak met
de makelaar dat ie ons tijdig zou informeren wanneer de deal rond zou
komen. Niet dus… Pas na flink aandringen
informeerde onze makelaar ons over de op handen zijnde overdracht en of we er
maar even voor wilden zorgen dat het huis leeg opgeleverd zou worden. Niet handig wanneer je daarvoor hals over kop
tickets moet gaan boeken en al je afspraken en je cursus Frans aan de kant moet
schuiven.zondag 16 september 2012
Een dagje Bizerte
Nu de temperaturen overdag weer een beetje dragelijk zijn
hier in Tunesië, en we in het weekend niet direct naar het strand hoeven om
verkoeling te zoeken, kunnen we lekker op pad om de rest van Tunesië te gaan
verkennen. Genoeg te beleven, maar
zonder auto voor de deur zijn we nog even beperkt in onze mogelijkheden. Afgelopen zaterdag zijn we naar Bizerte
gegaan. Aan de noordkust, een kilometer
of 60 boven Tunis. Bizerte is prima met
het openbaar vervoer te bereiken. Een
paar keer per dag gaat er een trein en bus, en de hele dag door louages, kleine
personenbusjes die dienst doen als deeltaxi en vertrekken zodra ze vol zijn. In één keer brengen ze je naar je
eindbestemming.
Tunis heeft twee grote busstations waar ook de louages
vertrekken. Met de taxi gaan we naar het
Gare Routière Nord. Het is er een
lekkere chaos, maar één keer vragen is genoeg om de juiste louage te
vinden. En we weten meteen ook hoe we
Bizerte in het Arabisch uit moeten spreken.
Binnen 5 minuten zijn we op weg, maar het duurt nog een half uur voor we
Tunis uit zijn. Daarna, als we op de
tolweg gekomen zijn naar het noorden, gaat het snel. Het landschap is kaal, na een lange, hete zomer,
maar straks staat het hier vol met graan.
Een paar kilometer voor Bizerte verandert het en doemt een groot
pijnboombos op aan onze rechterkant.
Vlak daarachter de Méditerranee.
De louage brengt ons tot net voor Bizerte. Het is nog een kilometertje wandelen naar het
centrum net voorbij het kanaal wat de Middelandse Zee verbindt met een groot
meer, waar het in het voor- en najaar zwart ziet van de trekvogels. Daar gaan we zeker nog eens kijken, maar deze
keer gaan we naar de stad.
We wandelen verder naar het strand van Bizerte. Ook hier is het rustig al komt dat misschien
ook doordat het tamelijk hard waait en het strand vol ligt met uitgedroogd
zeewier. Geen ideale omstandigheden voor
een dagje strand, maar lekker om even uit te waaien. Even verderop staan een paar hotels langs de
boulevard, waar we heen gaan voor een lunch.
Een Tunesische salade Mechouia en een schotel gegrilde inktvis. Lekker.
Wanneer we terug wandelen richting busstation komen we voor een open brug te staan. Het is even onduidelijk waarom. Een eind verderop zien we dat een schip de haven binnen wordt gesleept, maar dat gaat nog wel een half uur duren voor die bij de brug komt. Gelukkig is er nog van alles te beleven. Aan de andere kant van de brug proberen havenlui een containerschip te laden, maar dat gaat op z’n zachtst gezegd niet erg handig. Het is te hopen dat de inhoud van de containers goed verzekerd is. Caroline kan het gezwiep van de containers vlak boven de hoofden van die havenlui trouwens al snel niet meer aanzien. Wanneer een half uur later het schip eindelijk de brug voorbij geloodst is worden we getrakteerd op de uitlaatgassen van een hoop ongeduldige brommertjes die kennelijk allemaal als eerste aan de overkant willen zijn. Terug bij het busstation staan de louages al weer op ons te wachten. Binnen no-time zijn we terug in Tunis.
dinsdag 11 september 2012
Lost in Translation
Dit is de titel van één van onze meest favoriete films. In ‘Lost in Translation´ ontmoeten twee personages, Bob en Charlotte, elkaar in een hotel in Tokio. Ze spreken geen Japans en begrijpen ook de cultuur niet echt goed. Dit zorgt ervoor dat ze in absurde en hilarische situaties verzeild raken. Ook wij komen regelmatig met ‘Lost in Translation’ situaties in aanraking. En ik herken ze nu waarschijnlijk nog duidelijker na het daadwerkelijk starten met de Franse les.
Mooi op tijd en vol
verwachting stap ik op maandagmorgen het ‘Institut Français’ binnen. Het Institut is een onderdeel van de Franse
ambassade en je komt er dan ook niet zomaar binnen. Eerst door een detectiepoortje en vervolgens wil
een vriendelijke meneer van de beveiliging mijn pasje en de inhoud van mijn tas
zien. Zijn collega schiet me te hulp en
wijst me de weg naar het lokaal. Hier ga
ik de komende tijd vier ochtenden per week doorbrengen. Stipt om 9 uur start de les. De juf komt binnenlopen en begint vrolijk te
ratelen in het Frans. O lala, wat een
tempo meteen! Ik span me tot het
uiterste in om haar te kunnen volgen. Door
de kernwoorden uit de zinnen te pikken kan ik redelijk volgen waar ze het over
heeft. Tenminste daar stel ik mezelf mee
gerust. Na tien minuten blijkt het dat
een van de deelnemers in de verkeerde klas zit. De juf besluit te controleren of er meer
mensen zijn die wellicht van groep moeten wisselen. En ja hoor… er zijn er meer... en ook ik ben
er één van! Tot mijn verbazing mag ik
naar een groep met een niveau hoger. O
jee, als dat maar goed gaat.Natuurlijk is ook deze groep inmiddels gestart. De klas is door de juf in twee groepen verdeeld. We mogen onszelf voorstellen aan elkaar. De volgende opdracht is om de mensen van de andere groep te beschrijven en bij hen te bedenken wat ze zoal doen. Zoals bijvoorbeeld de leeftijd, het beroep en hoe de persoon overkomt Een leuke oefening om kennis met elkaar te maken. De juf schrijft alle namen op het bord. Een apart gevoel om zelf weer leerling te zijn en deel uit te maken van een klas met zestien andere mensen van verschillende leeftijden en nationaliteiten. De meerderheid van mijn klasgenoten is overigens Tunesisch en tussen de 20 en 30 jaar. Deze juf straalt iets meer rust uit dan de vorige, maar praat iets zachter en ook bij haar moet ik me erg inspannen om haar te kunnen volgen. Ik heb in mijn vorige blog geschreven dat het niveau van het lesboek me gerustgesteld heeft. De juf zegt echter dat het boek iets te makkelijk voor ons is en dat ze daarom ook vaak van het boek zal afwijken en andere opdrachten aan ons gaat geven. ´Mon dieu´.

Als ik ’s middags thuiskom koop ik een vers stokbrood voor de lunch in het winkeltje schuin onder ons appartement. Ik besluit ook meteen een Franse krant te kopen om een beetje extra te kunnen oefenen. Ik ben even in verwarring als ik maar 80 cent hoef af te rekenen en geef met een vragende blik 1 dinar. Ik kan eigenlijk niet geloven dat een brood én een krant zo goedkoop zijn. Ik zal me vast vergissen. De vriendelijke jongen, die me vorige keer al de muntstukken heeft uitgelegd, knikt bevestigend. Hij maakt vervolgens een grapje en tikt een heel hoog bedrag in op de kassa en zegt: ‘Je mag ook dit betalen als je wilt.’
Dinsdagmorgen sta ik
op tijd langs de kant van onze straat om weer met de taxi naar les te gaan. De taxichauffeur reageert vaag als ik
hem vertel waar ik graag naar toe wil. Het Institut ligt aan een grote Avenue in het
centrum en deze moet haast bij de meeste taxichauffeurs bekend zijn. Het is zoiets als wat de Prinsengracht voor Amsterdam
is. Hij neemt echter een weg die ik niet
direct herken. Ik weet dat
taxichauffeurs soms verschillende routes nemen en ben nog niet echt ongerust. Na een poosje merk ik dat het toch echt niet
klopt en vraag hem er naar. Hij antwoordt
in het Arabisch en we komen er samen dus niet uit. Zo veel is wel duidelijk. Ik hoop nog dat hij het aan een collega
vraagt of even belt. Dat doen chauffeurs
ook wel als ze er niet meer uitkomen, maar zo doortastend is hij helaas niet. Ik besluit dat ik maar het best uit kan stappen
om met een andere taxi verder te gaan. Dat
is nog niet meteen heel makkelijk omdat het spitsuur is en veel taxi’s bezet zijn.
Ga ik nu al de tweede dag te laat komen?
Toch raak ik niet in paniek. Na wat zoeken vind ik een taxichauffeur die
me wel wil brengen nadat hij me iets duidelijk wil maken dat ik niet begrijp
omdat ik het Franse woord niet ken. Waarschijnlijk bedoelt hij dat ik net naar
het moeilijkste plekje van de stad wil of zo.
Ik kom net een paar minuten voor 9 binnen en ben blij dat ik het toch op tijd gehaald heb. Een klasgenoot van begin twintig begroet me vriendelijk met ‘bonjour Caroline’ als ik het lokaal binnen stap. Af en toe lijkt het cliché van de charmante Tunesiër wel te kloppen. De les start en de tijd vliegt. In de pauze kom ik de juf van gisterenmorgen tegen op de gang. Ik begroet haar vriendelijk en ze vraagt hoe het gaat nu ik op het juiste niveau zit. Haha, dit is hilarisch.
zondag 9 september 2012
Harissa
In Tunesië krijg je standaard bij veel gerechten een flinke
dot harissa. Dat is zoiets als sambal;
gemaakt van rode pepers en erg pittig. Een
klein mespuntje harissa vind ik best lekker. Ik merk dat dit in de ogen van Tunesiërs wel
heel bescheiden is. Van de week zag ik
een jongen zijn broodje met harissa besmeren zoals we er in Nederland lekker
dik pindakaas op zouden smeren.
Ik wil geen heel blog over harissa schrijven, maar het als
metafoor gebruiken. Ik vond afgelopen
week wat je noemt een ‘pittige’ week. Gek
genoeg begon het al meteen op de eerste dag van de week: zondag. Nu kan ik het sowieso bijna een traditie noemen
dat ik zondagmorgen vaak ‘overvallen’ wordt door mijn emoties. Op deze dag hoef ik niet meteen op te staan en
dan lig ik in bed na te denken over van alles. Dan krijgen verschillende emoties de kans om
me bij mijn lurven te grijpen. Corné
heeft het ooit al een naam gegeven: ‘de zondagmorgenblues’. De remedie is om op te staan en iets te gaan
ondernemen.
Om niet te veel uit te weiden en te diep op details in te
willen gaan…Wat liep er dan niet lekker deze week? Het leek erop dat ik iets te veel harissa op
mijn bord had gekregen en ik grote moeite had met het wegwerken ervan. Een onverwachte, maar flink gepeperde reactie
op ons filmpje over chicha roken. Eigenlijk was dit filmpje vooral luchtig
bedoeld met een flinke dosis zelfspot erin…Alles wat we op ons blog en Facebook
zetten is bedoeld om onze belevenissen hier te delen. We zijn er trots op dat we zoveel nieuwe
ervaringen opdoen en daarvan kunnen genieten.
Ik hou ervan om nieuwe dingen uit te proberen en mezelf onder te
dompelen in een nieuwe omgeving. Zo
herinner ik me dat we het zo leuk vonden om ‘houdoe’ te zeggen in plaats van
‘dááág’ toen we van Rotterdam naar Oosterhout verhuisden. Natuurlijk mag iedereen er het zijne van
vinden van wat wij hier zoal uitspoken, maar hoe breng je dit aan ons over? Zoals
de Fransen zeggen: ‘c’est le ton qui fait la musique’.
Daarnaast zat ik al dagen op, voor mij, erg belangrijke berichten
te wachten. En die kwamen dus maar niet…
G-mail bleef steeds weer enthousiast
aangeven: ‘hoera, je hebt alle berichten
gelezen’. Grrr. Het is soms zo lastig
te verwerken als je ergens grip op wilt hebben en het lukt steeds niet. Behoorlijk uit mijn comfortzone. Ik vertelde Corné dat sommige mensen mij het
gevoel geven dat ik net zo goed tegen een muur kan praten; dat dit voor mijn
gevoel evenveel effect heeft. Om mijn
onmacht duidelijk te maken wil ik hem een demonstratie geven om zo mijn woorden
kracht bij te zetten. Ik krijg ineens een ingeving als ik tegen de muur sta te
praten. ‘De joden hebben het nog niet zo
gek bekeken met hun klaagmuur, ik snap hen helemaal!’ Daar moesten we zelf gelukkig wel weer erg om
lachen. God zij dank is er altijd nog
humor.
Donderdag en vrijdag heel de dag thuis moeten wachten op de
reparateur van Tunisie Telecom, die helaas nog steeds niet is komen
opdagen. Het gaf me de tijd om na te
denken en te dealen met m’n nieuw verworven inzichten. Veranderingen doen soms pijn, maar
uiteindelijk maken ze wel veel helder. Er
is me het één en ander duidelijk geworden en mijn blik is weer scherper.
Zaterdag ben ik erg opgewekt wakker geworden nadat ik die
nacht een droom heb gehad die zo oppeppend was, dat ik voelde dat deze dag niet
meer stuk zou kunnen. En inderdaad is
het een heerlijke dag op het strand geworden.
Zon, zee, precies het goede boek dat ik nu nodig heb en een zeewindje
dat al mijn beslommeringen wegblaast. Ik
voel me nu weer opvallend mild gestemd.
zondag 2 september 2012
Hoge Sferen
Het openbare leven hier in Tunis begint langzaam maar zeker weer een beetje op gang te komen. De zomer loopt op z’n laatste benen, de regen spoelt het stof van de straten en komende week gaan de scholen weer open. Maar het einde van de zomer van 2012 stond toch vooral in het teken van het einde van de Ramadan. Het was geen makkelijke tijd, de zomer van 2012. Vooral voor gelovige moslims dan, die bij temperaturen van tegen de veertig graden overdag niet mochten eten of drinken. Voor onszelf was het niet meer dan een beetje aanpassen aan een ander ritme en niet altijd makkelijk te bevatten hoe diep het geloof van een moslim gaat. Ook minder gelovige moslims doen mee aan de Ramadan, maar doen ze dat dan uit overtuiging, uit trots of gewoon vanwege de sociale druk? De overheid zorgt er in ieder geval voor dat er alle ruimte is om het geloof in Allah te betuigen. Natuurlijk mag je overdag eten en drinken als je daar zelf voor kiest, maar in cafés en hotels mag dat dan alleen achter gesloten gordijnen. En de bier- en wijnkelders die je hier in een paar grote supermarkten kunt vinden waren tijdens de Ramadan verboden terrein.
Gisteren zijn we naar de Géant geweest om onze voorraad weer aan te vullen met een pakketje bier en een paar flesjes wijn. Tunesische wijn. Een erfenis van het Franse koloniale verleden. Het Tunesische klimaat leent zich uitstekend voor een rijke druivenoogst. De rode Magon is misschien wel het meest populair. Voor de echte kenners hebben we het nog even opgezocht. De druiven die ze voor de Magon gebruiken zijn de Carignan, Cabernet-Sauvignon, en Syrah. Goeie druiven of niet, we laten het ons goed smaken. Na de introductie van wijn door de Fransen hebben Tunesische producenten het heft in eigen hand genomen. De wijnvelden liggen hier om de hoek, praktisch in onze achtertuin. Goed bezig.
Beetje bij beetje beginnen we onszelf thuis te voelen hier in Tunesië. We dompelen langzaam maar zeker steeds een beetje verder onder in het Tunesische leven. Gisteravond zijn we op onze ontdekkingsreis naar een salon de thé verderop in de straat gegaan voor een bakje espresso met een chicha, een Tunesische waterpijp. Dit wilden we graag eens proberen. Lekker hangend in een comfortabel stoeltje vult de zoete geur van appeltjes het terras. Alleen al van het zachte geborrel van het water wordt je rustig.
Tevreden vallen we ’s avonds in slaap in ons hemelbed op weg naar hogere sferen.
donderdag 23 augustus 2012
Bijzondere ontmoetingen
Onderweg ontmoet je vaak de meest bijzondere mensen die je
niet kent maar die soms toch een
onuitwisbare indruk bij je achter laten.
Zo was er ooit een man in Nicosia die
mijn vriendin Diana en mij een pakje sinaasappelsap gaf toen we hem, verdwaald
en met verhitte hoofden, de weg vroegen. Het lijkt zo iets simpels maar ik zal dit
aardige gebaar nooit vergeten. Zo heb ik
inmiddels een verzameling vol van zulke
vriendelijke mensen in mijn herinnering en dat maakt reizen zo inspirerend vind
ik.
Nu weer twee bijzondere mensen zowel op de heen-als
terugreis naar Nederland. Vorige week
vrijdag vertrokken Corné en ik samen naar het vliegveld. Corné op weg naar Toulouse om in de Franse
Pyreneeën de fietsweek door te brengen met zijn fietsmaten. Zijn vlucht was net iets vroeger dan de mijne
gepland. Uiteindelijk blijkt mijn vlucht
een flinke vertraging te hebben van wel 5 uur. Maar dat wist ik op dat moment nog niet. De informatie over vertrek is mondjesmaat en
ik kom daardoor in gesprek met een Vlaamse die al wel iets meer informatie had opgevangen.
Deze
Vlaamse dame, ze heet Sara, is al 17 jaar leidinggevende in een
confectiebedrijf vlakbij Sousse. Daar
wilde ik natuurlijk graag meer van weten… Ze heeft me veel verteld over haar werk, haar
bevindingen en het dagelijkse leven in Tunesië voor en na de revolutie.
Ik voelde me gesterkt doordat ik in haar verhaal de bevestiging heb gevonden
van het feit dat een Europese vrouw in
haar eentje leiding kan geven aan een bedrijf in Tunesië en dat haar dit lukt.
Temeer omdat mijn tante, sceptisch, maar overigens vast met goede bedoelingen, me veel succes had gewenst
met het vinden van een baan (waar ik overigens nu nog niet aan denk, ik ga
eerst Franse les volgen). Mijn tante had
een voorbeeld voor me waarin een Nederlandse vrouw zaken wilde doen voor een
confectiebedrijf dat stropdassen maakt. Ze
ging naar Tunesië omdat haar man verhinderd was. Daar aangekomen kon ze meteen rechtsomkeer maken
en onverrichter zaken naar Nederland terug gaan om het feit dat ze een vrouw is
en ze daardoor niets kon bereiken.
Nu was het mijn kans om Sara van alles te vragen over haar
werk en haar leven in Tunesië. Ze vertelt
mij er graag over. Ik selecteer de
inhoud van haar verhaal zorgvuldig. De
activist in mij komt naar boven bij het verhaal dat er geen airco aangeschaft
wordt voor de fabriekshal door de grote baas in België. Daar steggelen ze al 12 jaar over en het
definitieve besluit is pas gevallen. De
investering is hem te groot. Het lijkt
mij een kwestie van korte termijn denken en gebrek aan visie. Anno 2012 besteden we in Europa graag werk uit
aan lageloonlanden om zo onze eigen zakken sneller te kunnen vullen. Bah!
Even later, voor we gaan opstijgen, biedt hij
mij en de buurvrouw aan de andere kant een kauwgompje aan en vraagt dan of ik
Vlaamse ben. Goh, wat grappig. Corné heeft altijd gezegd dat ie valt op Vlaamse
types. M’n buurman blijkt eigenlijk erg aardig
te zijn. Ik heb een leuk gesprek met hem
over Tunesië. Interessant toch om
informatie van binnenuit te krijgen? Deze heer, hij heet Ouanes , werkt in België
en gaat nu voor drie weken naar zijn huis in Tunesië. Het is een rustige, vriendelijke man. Een beetje ingetogen ook. Als we landen, lopen we samen op naar de band
waar de koffers aankomen. Helaas hebben
ook de koffers vertraging en staan we erg lang te wachten. Zelfs als hij zijn koffer al lang heeft, wil
hij op de mijne blijven wachten om me te helpen sjouwen. Ik protesteer wel, mijn koffer van de band af tillen
lukt me echt wel, maar hij is beslist. Hij staat erop om me te helpen. Als ik me echt zorgen begin te maken dat mijn
koffer vast kwijt is, bijna iedereen heeft zijn koffer al, komt de mijne er
eindelijk aan. Op het karretje gezet
door mijn beschermheer Ouanes. Samen
lopen we naar de aankomst hal waar ik Corné in zijn armen kan vallen en we vriendelijk
afscheid nemen van elkaar.zondag 5 augustus 2012
Niet te geloven
Zomer 2012 in Tunis.
Niet bepaald de makkelijkste tijd om jezelf te installeren en Tunis te
verkennen, want het is heet en het is Ramadan, de islamitische vastentijd. Ook voor de meeste Tunesiërs een moeilijke combinatie
trouwens.
Tijdens de Ramadan gedenken moslims dat in deze maand de
koran aan Mohammed werd geopenbaard door de engel Gabriël. Hij die ook de geboorte van Jezus verkondigde. De Ramadan is de negende maand van de islamitische
kalender. En omdat die niet gebaseerd is
op de zon, maar op de maan loopt die niet helemaal gelijk met onze
kalender. De islamitische kalender is ongeveer
10 dagen korter waardoor de Ramadan elk jaar vroeger valt. Afgelopen donderdag was het volle maan, precies
op de helft van de Ramadan.
Het openbare leven in Tunis staat tijdens de Ramadan
volledig op z’n kop. De meeste winkels,
restaurants en theehuizen zijn overdag gesloten. Soms is het zelfs lastig om een brood te
kopen. Supermarkten zijn wel open en
vooral in het weekend kun je daar over de koppen lopen. Zelf volgen we, net als alle andere kantoren,
een zomerrooster. Alles gaat om 3 uur ’s
middags dicht zodat iedereen naar huis kan om zich op de Iftar voor te
bereiden, de belangrijke eerste feestelijke avondmaaltijd samen met de hele familie.
De vrouwen hebben zich dan al een hele dag in de keuken
staan uitsloven. Voor hen is de Ramadan
nog een stukkie zwaarder dan voor de mannen.
Natuurlijk zijn er ook veel Tunesiërs
die met de familie buiten de deur gaan eten. Hier beneden, bij restaurant Abdallah, worden
in de namiddag de plastic tuintafels klaargezet om extra gasten te kunnen
ontvangen. Al ruim voor het ondergaan
van de zon zijn alle tafels bezet. Een half
uurtje later is alles schoon op en kan er opgeruimd gaan worden. Daarna
stromen de terrasjes voor de theehuizen vol.
Hier in onze straat, de Avenue Hédi Nouira, wordt het pas tegen de
morgen weer rustig.
Ook de twee Tunesische collega’s Béchir en Samia doen mee
met de Ramadan. Voor Béchir uit
geloofsovertuiging, voor Samia meer vanuit sociaal wenselijk gedrag. De Ramadan hoort bij Tunesië zoals het vieren
van kerstmis in Nederland, met dat verschil dat de impact van de Ramadan veel groter
is. De Ramadan hakt er behoorlijk in. Door een chronisch slaapgebrek en een
verstoord eetritme liepen Béchir en Samia al direct op hun tandvlees. Allebei hebben ze al een paar dagen op
kantoor moeten verzuimen. En we zijn
nog maar op de helft. Om het ze niet nog
moeilijker te maken, houden we ons zelf op kantoor ook in met eten en
drinken. Ik deel de kamer met Béchir en
elke keer als hij de kamer uit loopt klok ik gauw een paar glazen water naar
binnen. Lunchen doen we met de niet
vastende collega’s achter een gesloten deur.
Afgelopen vrijdag zagen we een vergelijkbaar tafereel in de stad, langs de grote Avenue Habib Bourguiba. Hoewel de meeste moslims vasten tijdens de Ramadan zijn er ook Tunesiërs die niet meedoen. In een passage zagen we tussen de kieren van dikke velourse gordijnen een dikke blauwe rook hangen. Zolang er niet in het openbaar gegeten, gedronken of gerookt wordt, wordt het nog getolereerd.
Slaapgebrek, honger en een gemis aan nicotine leiden er toe
dat veel vastende moslims overdag behoorlijk chagrijnig zijn. Het wil nog wel eens gebeuren dat mensen
overdag compleet uit hun dak gaan. Een
kort lontje. Geen beste zaak, want de
vastentijd betekent niet alleen dat
moslims overdag moeten afzien van eten, drinken, roken en seks, maar dat ze ook
geen lelijke dingen mogen zeggen. M’n
Marokkaans collega Salima wist te vertellen dat elke overtreding goed gemaakt
kan worden met 60 dagen vasten ter compensatie. Ga daar maar aan staan. Salima is zelf niet praktiserend, maar haar
75-jarige oma doet nog steeds mee, hoewel ze dat volgens de koran niet meer
hoeft. Haar familie probeert haar oma er steeds van
te weerhouden om mee te doen door haar voor te houden dat ze al meer dan genoeg
punten heeft om naar de hemel te gaan en er overigens best wel een paar kan delen. De toewijding van zo’n vrouwtje is niet te
geloven.
Abonneren op:
Posts (Atom)

